Boeken

Mijn boeken staan bekend om de overtuigende personages en een wereld die niet zwartwit is. Voor mij is dat een logische combinatie: een personage dat levensecht moet aanvoelen, zit ergens in het schemergebied tussen goed en kwaad. Dus als je een wereld vult met zulke personages, is die automatisch niet meer zwartwit. Het een komt voort uit het ander.

En bestaat het ultieme goede en kwade eigenlijk wel? Of is dit een kwestie van perspectief? Ik denk dat laatste. Waar en in welke omstandigheden je geboren bent, bepalen welke denkbeelden je hebt en aan welke zijde van een conflict je opgroeit. Vanaf je geboorte wordt jouw definitie van het goede en het kwade al gevormd. Nog zonder dat je het door hebt.

En dat gegeven vind ik interessant om te gebruiken. Het brengt nuance aan in mijn verhalen. Aan welke zijde iemand ook staat, op zijn manier wil hij de wereld mooier maken. Ja, zelfs Kasimirh of Kaban of Jakob.

Ik ben er ontzettend trots op dat ook lezers aangeven dat dit de kracht van mijn verhalen is.

Sneakpeak Storm

Het licht kwam bij de achterste wand vandaan. Nealyn zag meteen dat het van een ziel afkomstig was. Die zweefde boven het lijk van een man. Een magiër blijkbaar, al waren de bronnen van zijn nephesh en makhma bijna opgedroogd.

Nealyns nieuwsgierigheid was nu niet meer te houden. Was er misschien toch iets voor haar achtergebleven?

Gespannen kwam ze dichterbij. Ze hurkte en liet haar lichtbol over de man glijden. Hij leunde in kleermakerzit tegen de wand. Er restte niet veel meer van hem dan perkamentachtige huid die over de botten spande. Een verkleurde lap die nog een hint van blauw had en die ooit zijn kleding moest zijn geweest, lag als een zak om hem heen. Zijn gezicht was vertrokken in wat leek op een gepijnigde schreeuw. Hij moest minstens eeuwenlang dood zijn, maar doordat zijn lichaam nog niet was vergaan, kon zijn ziel ook niet vervliegen.

‘Wat doe jij hier?’ fluisterde Nealyn. Waarom zat hij in een ruimte tussen twee muren? Was hij hier opgesloten of had hij deze plek zelf gekozen?

Ze keek nog een keer rond. Had ze dan toch een deur gemist? Er was echter niets wat haar eerste indruk tegensprak. De wanden waren aan deze kant niet afgewerkt. Dikke klodders specie puilden uit de voegen. Nergens was een toegang.

Toen ze haar blik weer op het lijk richtte, zag Nealyn dat hij iets vasthield. Ze wrikte het uit zijn hand, zijn duim brak af en bleef een paar tellen aan een stukje huid bungelen voor dat afscheurde. Het voorwerp was een zilveren slakkenhuis. Ze volgde met haar wijsvinger de spiraal. Geestenkistje. Er zat een dopje op. Zal ik?

‘Ik heb toch niets meer te verliezen,’ sprak ze zichzelf moed in.

WAT ANDEREN ZEGGEN: Ferry Visser

Aldus overtrof Kim ten Tusscher zichzelf met het schrijven van ‘Blind’. Het bevat ijzersterke passages, een verdieping in de thematiek van de serie en een nieuw sterk personage. Daardoor zou deze sleutelroman een mustread, pageturner en aanrader genoemd kunnen woorden, maar geen van deze woorden dekt de lading precies van hoe goed ‘Blind wel niet is!